Geen rechter meer nodig voor de invordering van onbetwiste schulden

Wetsontwerp tot wijziging van het burgerlijk procesrecht

Achterstallige betalingen zijn vaak één van de belangrijkste oorzaken van faillissementen, nu de invordering ervan meestal enige tijd in beslag neemt. Teneinde dit sneller te laten verlopen, werd op 30.06.2015 in de Kamer een wetsontwerp houdende wijziging van het burgerlijk procesrecht en houdende diverse bepalingen inzake justitie neergelegd.

Het wetsontwerp beoogt het burgerlijk proces aan te passen aan de hedendaagse noden, zodanig dat de procedures sneller en efficiënter verlopen, zonder dat de kwaliteit van de rechtsbedeling vermindert.

In het licht van deze doelstelling werd een nieuwe buitengerechtelijke procedure ingevoerd voor de invordering van niet-betwiste schuldvorderingen. Hierbij zou de tussenkomst van de Rechtbank niet langer vereist zijn, doch zouden de gerechtsdeurwaarder en de advocaat hierbij de spilfiguur worden. Hierdoor zouden het aantal gerechtelijke procedures aanzienlijk verminderd worden, waardoor Justitie zich zou kunnen focussen op haar kerntaken.

Centrale rol voor de advocaat en de gerechtsdeurwaarder

Bij deze buitengerechtelijke procedure vertrekt alles bij de advocaat, dewelke als eerste zal oordelen of de zaak al dan niet in aanmerking komt voor de administratieve procedure. In bevestigend geval zal deze een gerechtsdeurwaarder inschakelen.

Wanneer de gerechtsdeurwaarder vaststelt dat de schuldvordering inderdaad niet betwist wordt, zal deze de procedure opstarten, dit zonder tussenkomst van de rechter. Hierbij zal aan de schuldenaar een aanmaning verstuurd worden waarbij hij verzocht wordt over te gaan tot betaling binnen de maand.

Het is hierbij aan de gerechtsdeurwaarder toegelaten om een minnelijke regeling met afbetalingstermijnen tussen partijen te bewerkstelligen. Doch indien de schulden uiteindelijk niet of niet tijdig afgelost worden, stelt de gerechtsdeurwaarder hiervan een proces-verbaal op. Dit PV wordt op verzoek van de gerechtsdeurwaarder uitvoerbaar verklaard door een magistraat en wordt voorzien van het formulier van tenuitvoerlegging en maakt aldus een uitvoerbare titel uit.

Voor beide partijen, zowel voor de schuldeiser, als voor de schuldenaar, worden er in deze administratieve procedure voldoende waarborgen ingebouwd, zodat, wanneer er alsnog een betwisting zou ontstaan, er wél een rechter aan te pas komt.

Enkel voor B2B

Momenteel wordt deze buitengerechtelijke procedure enkel ingevoerd in de relatie ‘Business to Business’, dit voornamelijk teneinde de rechten van de ‘zwakkere’ consument niet te beperken. Op termijn zou het echter wel de bedoeling zijn om deze procedure ook uit te breiden naar consumenten toe.

Inwerkingtreding

Inmiddels werd het wetsontwerp ingediend in de Kamer, doch momenteel is er nog geen zicht op de datum van effectieve inwerkingtreding.

Uiteraard zullen wij u hieromtrent in de toekomst verder informeren.

Charlotte Van Thienen