De onmiddellijke inning en consignatie bij het vaststellen van sommige inbreuken inzage het vervoer over de weg

Het is een alom gekend gegeven en wie zich dagelijks op de autosnelweg begeeft, zal ook reeds gemerkt hebben dat er steeds meer vrachtwagens gebruik maken van de Belgische snelwegen.

De Belgische transportfirma’s melden dat door de toename van vooral buitenlandse concurrentie de druk en de stress op het presteren en leveren van voldoende rij-uren toeneemt.

Uit recente studies van o.m. het BIVV blijkt dat de toename van het goederenverkeer zal leiden tot een toename van gerelateerde verkeersinbreuken zoals het niet naleven van rij- en rusttijden,  het niet in orde zijn met de nodige vergunningen, tachograaf, e.d.

Het Parket-Generaal heeft er een prioriteit van gemaakt om meer controles uit te voeren op de autosnelwegen om er voor te zorgen dat het (buitenlands) vrachtverkeer zich eveneens aan de Belgische wetten en reglementering houdt.

Onder het motto “time is money” wenst geen enkele transporteur dat één van zijn voertuigen aan de ketting wordt gelegd omwille van begane inbreuken.

De politionele diensten hebben een autonome bevoegdheid om bij vastgestelde inbreuken een onmiddellijke inning voor te stellen. Is er gene mogelijkheid of bereidheid om te betalen, dan wordt het voertuig in beslag gehouden. De regelgeving hierover is vervat in de wet van 15.07.2013 betreffende het goederenvervoer over de weg en houdende uitvoering van de Europese verordening EG nr. 1071/2009, alsook in het KB van 19.07.2000 betreffende de inning en consignatie van een som bij het vaststellen van sommige inbreuken inzake het vervoer over de weg.

In het KB van 19.07.2000 worden de diverse tarieven omschreven die men kan toepassen bij een onmiddellijke inning. Een betaling kan cash geschieden of via bankkaart. Een betaling via overschrijving kan alleen wanneer men een woonplaats of vaste verblijfplaats in België heeft.

De begane inbreuken die via een onmiddellijke inning kunnen geregeld worden, situeren zich in vijf domeinen :

  • het niet beschikken over de juiste vergunningen
  • het overschrijden van de maximaal toegelaten massa en de maximale afmetingen
  • de vrachtbrief
  • de rij- en rusttijden
  • tachograafschijf + bestuurderskaart

De bevoegde ambtenaren zijn :

  • de politieambtenaren van de federale en lokale politie
  • de ambtenaren van de federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer die behoren tot de dienst bevoegd voor het vervoer over de weg
  • de ambtenaren van de administratie van douane en accijnzen van de FOD Financiën
  • de sociale inspecteurs en sociale controleurs van de sociale inspectie van de FOD Sociale Zekerheid

Deze ambtenaren mogen zich toegang verschaffen tot alle voertuigen die zich in het verkeer bevinden of die geparkeerd zijn op de openbare weg of op voor het publiek toegankelijke plaatsen, indien zij op grond van de gedragingen van de bestuurder of passagier op grond van materiële aanwijzingen of van omstandigheden van tijd of plaats, redelijke gronden hebben om te denken dat het voertuig wordt gebruikt om een inbreuk te plegen op deze wetten en de uitvoeringsbesluiten. Zij mogen deze voertuigen ook doorzoeken.

Indien men geen geldige vergunning bezit of rond rijdt zonder een geldig bestuurdersattest, mogen de bevoegde diensten de bestuurder verplichten om ofwel naar de plaats van oplading terug te keren om deze lading opnieuw te lossen, ofwel om de lading ter plaatse over te laden op een voertuig waarvoor wel een vergunning werd afgegeven.

De bevoegde diensten mogen het voertuig ophouden totdat het laden of lossen is beëindigd of, ingeval van afwezigheid van een geldig bestuurdersattest, de bestuurder wordt vervangen door een wettig tewerkgestelde of ter beschikking gestelde bestuurder.

De bevoegde diensten mogen vervolgens tot onmiddellijke inning en consignatie overgaan, tenzij er door de inbreuk schade aan derden werd veroorzaakt. Indien een vrachtwagen betrokken is bij een verkeersongeval kan er geen onmiddellijke inning plaatsvinden.

Door de betaling van de vermelde som vervalt de strafvordering,  tenzij het OM binnen de twee maanden, te rekenen vanaf de dag van de betaling, de betrokkene kennis geeft van zijn voornemen om toch een strafvordering in te stellen. Dit moet per aangetekende post worden ter kennis gebracht.

Wanneer de dader van de inbreuk geen woon- of vaste verblijfplaats in België heeft moet er een onmiddellijke betaling gebeuren. Deze som moet binnen de 96 uren worden betaald vanaf vaststelling van de inbreuk. Wanneer dit niet gebeurt mag het Openbaar Ministerie de inbeslagneming van het voertuig bevelen. Het bericht van inbeslagneming wordt binnen de twee werkdagen aan de eigenaar van het voertuig verzonden.

Zo er een strafvervolging wordt ingesteld en de rechtbank van oordeel is dat de boete lager  moet zijn dan de reeds uitgevoerde betaling, kan deze bevelen dat het overschot aan de betrokkene moet worden terugbetaald.

Wanneer het voertuig in beslag werd genomen en de rechter een boete heeft opgelegd, wordt er overgegaan tot de verkoop van dat voertuig, indien de boete binnen een termijn van 40 dagen te rekenen vanaf de datum van het vonnis, niet is betaald.

Wanneer een vrachtwagenchauffeur of een transportfirma wordt geconfronteerd met een controle en de verbalisanten meedelen dat er inbreuken zijn gepleegd en een onmiddellijke inning voorstellen, is het belangrijk om na te gaan of :

  • de inbreuk op de wet daadwerkelijk aanwezig is
  • het juiste bedrag door de politionele diensten wordt voorgesteld voor onmiddellijke inning
  • of het mogelijk is dat het bedrag dat werd betaald ingevolge het verzoek van de verbalisanten (voor een gedeelte en niet in het kader van een latere procedure) kan worden teruggevorderd.

Wij staan steeds te uwer beschikking.

Kurt Smets