Douanestrafrecht - Solidairlijke geldboetes zijn discriminerend

Het is voortaan niet meer mogelijk in het douanestrafrecht dat meerdere beklaagden samen tot dezelfde geldboete veroordeeld worden.

Voor de correctionele rechtbank te Hasselt werd recentelijk een belangrijke brandstoffenfraudezaak behandeld.

De administratie van Douane & Accijnzen daagde 10 personen voor de rechtbank waarbij zij voorhield dat meer dan 1 miljoen liter brandstof onttrokken was aan de zgn. schorsingsregeling.

De schorsingsregeling maakt het mogelijk dat er geen accijnzen op brandstof dienen betaald zolang dat de brandstof in transport is en totdat die brandstof bij een zgn. depothouder komt die de accijnsverplichting voldoet.
Als de brandstof vervoerd wordt onder die schorsingsregeling mag ze er uiteraard niet aan onttrokken worden om in het zgn. zwart circuit te gaan verkopen.
In casu ging het over overschotten brandstof na levering bij de depothouders die de schippers dan aan de wal verkochten.

De kopers van die brandstof werd verweten dat zij op die brandstof geen accijns betaald hadden zodat de douane o.m. een boete vorderde van 10 x de ontdoken accijns.
Weet dat voorheen de rechtbanken geen matigheidsbevoegdheid hadden t.a.v. die astronomische boetes totdat het Grondwettelijk Hof op 14.09.2006 stelde dat de rechtbanken toch verzachtende omstandigheden in acht mochten nemen.

In navolging van die rechtspraak is de wet van 21.12.2009 gekomen die voorziet dat de rechter voortaan marge heeft bij het opleggen van geldboetes m.n. " tussen vijf tot tienmaal de ontdoken accijnzen". Wanneer de rechtbank dan nog bijkomend verzachtende omstandigheden in acht neemt kan zij die boete zelfs beperken tot 1 x de ontdoken accijns. Dit is lager dan de minimumboete.

Door die wetswijziging vertonen de bestraffingsmodaliteiten in douanezaken grote gelijkenissen met de gewone gemeenrechtelijke strafzaken.
De vraag drong zich dan ook op of de bepaling in het douanestrafrecht die voorziet dat al de overtreders en de medeplichtigen solidair gehouden zijn met de anderen tot betaling van boete en kosten, al dan niet discriminerend is. (Art. 227, §2 algemene douanewet).
Ja, zo zegt ons Grondwettelijk Hof nu in een arrest van 07.11.2013.

Sedert die nieuwe wet van 21.12.2009 moest de geldboete immers op individueel ten aanzien van iedere beklaagde worden uitgesproken. Een wetsbepaling waarbij de rechtbank de beklaagden en zijn medeplichtigen solidairlijk oftewel hoofdelijk dient te veroordelen tot één en dezelfde boete is dan ook strijdig met die verplichting tot individualisering.

Wij dienden evenwel vast te stellen dat de administratie van Douane & Accijnzen zich niet stoort aan dit arrest van 07.11.2013 en nog steeds, ook na die datum, solidairlijke veroordelingen nastreeft.

Wij ervaren het als grote vooruitgang dat het douanestrafrecht, ingevolge wetgevend ingrijpen en evoluerende rechtspraak, een menselijker gelaat begint te vertonen.