De strijd van Cervantes anno 2012

"Het blijkt wel, antwoordde Don Quichot, dat jij niet thuis bent in avonturen, Sancho; het zijn reuzen, wat ik je zeg; en als je bang bent, maak dan dat je wegkomt en ga jij je gebeden maar zitten prevelen, onderwijl ik met hen den hevigen en ongelijken strijd aanbind." [De Cervantes, M. (1605). Don Quichot. Vertaling J.W.F. Werumeus Buning en C.F.A., Amsterdam, 1941, pagina 65-66]


In het spoor van Don Quichot.

Met de in aanhef geciteerde woorden trok Don Quichot ten strijde tegen een aantal windmolens, die hij verkeerdelijk aanschouwde als reuzen met lange armen. Don Quichot was er heilig van overtuigd dat windmolens een gevaar vormden waartegen ieder ridder moest optreden. Voor hem hadden windmolens de eigenschappen van kwaadaardige reuzen.

Dat deze Spanjaard uit La Mancha het onderspit moest delven tegen de reuzen/windmolens, is gekend. De lans van Don Quichot raakte verstrikt tussen de wieken van de windmolen, brak af, en Don Quichot werd tegen de grond geworpen. Einde strijd. Het is deze strijd die later heeft geleid tot de uitdrukking 'vechten tegen windmolens', oftewel het bestrijden van een louter denkbeeldig gevaar.

De strijd van Don Quichot is misschien wel eeuwenoud, maar niettemin opnieuw actueel. De laatste jaren worden steeds meer vergunningen afgeleverd voor de bouw van windmolens. Dat omwonenden de komst van dergelijke projecten niet altijd met open armen ontvangen, is begrijpelijk. Bij iedere grote aanvraag tot het bouwen van een windmolen(park) kan men er donder op zeggen dat er ook een buurtcomité wordt opgericht. Steeds meer omwonenden treden in het spoor van Don Quichot en leveren strijd tegen windmolens, bouwwerken die zij ook kwalijke eigenschappen toedichten.

Wij zullen in deze bijdrage ingaan op de mogelijke hinder van windmolens, op de controlerende taak van de overheid die een vergunning aflevert, op enkele initiatieven van de Vlaamse Regering en op de beroepsmogelijkheid bij het afleveren van een vergunning voor een windmolen(park). In de rand merken wij op dat voor de bouw van een windmolen een stedenbouwkundige -, en soms ook een milieuvergunning, is vereist. Wij spitsen ons enkel toe op de vereiste van de stedenbouwkundige vergunning.


Het hinderverwekkend aspect van windmolens

De hinder die een windmolen kan veroorzaken is velerlei. Uit bekommernis voor mogelijke hinder ageren omwonenden tegen de komst van deze nieuwe 'reuzen'. Dat de meeste hinderaspecten nog niet genoegzaam bekend – of onderzocht zijn, vormt ook geen stimulans om de meeste omwonenden te overtuigen van een aanvaardbaar impact van windmolens.

Bij een aanvraag kan er zeker sprake zijn van ernstige hinder waarbij de balans van de aanvaardbare ruimtelijke lasten niet opweegt tegen het voordeel van de aanvrager van de vergunning. I.t.t. de strijd van Don Quichot, vormt de hedendaagse strijd van buurtbewoners niet altijd een louter denkbeeldige dreiging. Bij kleinschalige projecten valt de hinder meestal wel binnen de perken. Eventuele hinder moet echter altijd nauwgezet en in concreto worden onderzocht.

De meest voorkomende hinder is de schaduwslaghinder. Het is bijzonder onprettig om in uw woonkamer telkens de schaduw van molenwieken te zien passeren. Dit is enerverend en zelfs ondraaglijk voor bepaalde personen. Een tweede bron van hinder vormt de geluidshinder. Zo kan het slapen met open ramen wel eens tot het verleden gaan behoren.

Andere vormen van nadelen betreffen visuele hinder (horizonvervuiling), een veiligheidsrisico (het blijft een enorm bouwwerk) en mogelijke gezondheidsrisico's. Cardioloog Marc Goethals noemt in een bijdrage van de Artsenkrant nr. 1909, windturbines op een korte afstand van bewoning ronduit krankzinnig.


De taak van de vergunningverlenende overheid

Uit het stedenbouwrecht vloeit voort dat de impact van grote bouwwerken op de leefwereld van de omgeving moet worden onderzocht. Een ruimtelijke status-quo kan niet worden geëist, maar bijkomende ruimtelijke lasten mogen de toets van de redelijkheid niet overschrijden. Deze controleplicht komt toe aan de overheid die een vergunning aflevert voor de bouw van één of meer windmolens.

De overheid moet beslissen of een aanvraag voldoende rekening houdt met de privacy van omwonenden en of de aanvraag past binnen de goede ruimtelijke ordening. De overeenstemming met de goede ruimtelijke ordening moet volgens de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, voor zover noodzakelijk of relevant, worden beoordeeld a.h.v. hinderaspecten, gezondheid en veiligheid.

Bij het uithangen van een bouwaanvraag, n.a.v. een openbaar onderzoek, is het dan ook zaak om het aanvraagdossier grondig te bestuderen. Eventuele hiaten kunnen worden aangekaart met een gemotiveerd bezwaarschrift. De overheid zal rekening moeten houden met een gegrond bezwaar, minstens zal zij in een vergunning moeten uitleggen waarom zij deze bezwaren naast zich neerlegt. De hedendaagse strijd tegen windmolens begint met een goed gemotiveerd bezwaarschrift. U hoeft niet met lede ogen de komst van een windmolen(park) te aanzien maar kan, integendeel, actief optreden om uw rechten te verzekeren.


De Vlaamse Regering zit niet stil

Ook de Vlaamse Regering heeft ondertussen actie ondernomen. Zo heeft zij verschillende omzendbrieven (omzendbrief EME/2006/01 en omzendbrief LNE/2009/01) aangenomen om het vergunningenbeleid min of meer te sturen. In beide omzendbrieven worden een aantal beoordelingscriteria toegelicht die de overheid in acht moet nemen wanneer zij een beslissing neemt over een bouwaanvraag. Een grondige bespreking van deze omzendbrieven valt echter buiten het bestek van deze bijdrage.

Verder werd in opdracht van de Vlaamse Regering een 'Windplan Vlaanderen' opgesteld. In dit plan worden o.m. mogelijke inplantingsplaatsen voor windturbines in Vlaanderen weergegeven. Het plan vormt een beleidsinstrument voor de overheid die beslist over een bouwaanvraag. Indien u vreest voor een mogelijke komst van een windmolenpark in uw buurt, vormt het Windplan Vlaanderen alvast een eerste indicatie.

Tot slot verwijzen wij naar de studie van Natuurpunt Vlaanderen 'Windmolens in Vlaanderen te land en ter zee – Beleidskader en regelgeving' en de Vogelatlas die beiden nuttige documenten vormen ter beoordeling van een bouwaanvraag voor windmolens.


De beroepsmogelijkheid tegen een stedenbouwkundige vergunning

Het indienen van een bezwaarschrift vormt de eerste te ondernemen stap indien u het niet eens bent met de komst van een windmolen(park). Indien aan dit bezwaarschrift geen of onvoldoende gehoor wordt gegeven, beschikt u meestal over een administratieve beroepsmogelijkheid. Op die manier legt u het dossier voor aan een tweede administratieve overheid die opnieuw het dossier inhoudelijk beoordeelt en een beslissing neemt.

Tegen in laatste administratieve aanleg genomen beslissingen staat een beroep open bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Deze Raad, die werd toegelicht in nieuwsbrief nr. 32, vormt een administratief rechtscollege. De Raad zal toetsen of de overheid bij het afleveren van de vergunning de wet heeft nageleefd. Zij kan een vergunning schorsen en vernietigen. Op die manier vervalt de rechtsgrond voor de bouw van de windmolen en heeft u meer succes dan de Spaanse edelman uit La Mancha.


Joris GEBRUERS
Advocaat