Een ommezwaai inzake de strafbaarheid van bouwmisdrijven?

Wim Mertens

Wim Mertens Administratief recht en Omgevingsrecht Stuur een mail
LinkedIn

Meer informatie
1. Situatieschets

De regelgeving inzake stedenbouw en ruimtelijke ordening is de laatste jaren meermaals gewijzigd.

Daar waar de Stedenbouwwet van 29 maart 1962 meer dan 30 jaar werd behouden mits een aantal wijzigingen, is het Decreet van 18 mei 1999 houdende organisatie van de ruimtelijke ordening nu reeds elf maal gewijzigd op 4 jaar tijd. Van een continu beleid gesproken ?.!?!

Hoe kan een burger nog weten wat mag en niet mag als gemiddeld om de vijf maanden de regels veranderen ?

De decreetwijziging van 4 juni 2003 voert een aantal belangrijke bepalingen in: in verband met de verjaring van bouwmisdrijven, het strafbaar karakter van het in stand houden van bouwmisdrijven, de Hoge Raad voor het Herstelbeleid, de meerwaardevordering en het conformiteitsattest.

Hierna worden twee van die nieuwigheden uitvoerig behandeld.

Voor meer informatie kan u steeds op ons kantoor terecht.


2. "In stand houden" niet meer strafbaar

Vroeger waren bouwmisdrijven in feite eeuwigdurend. Men maakte weliswaar een onderscheid in het bouwen zonder vereiste vergunning en het in stand houden van die onvergunde werken, doch in werkelijkheid was het zo dat die toestand van instandhouding bleef verder duren.

In dergelijke omstandigheden is het niet mogelijk dat een misdrijf verjaart, omdat een verjaringstermijn pas kan beginnen te lopen vanaf het moment dat het misdrijf afloopt.

Om het probleem van de eeuwigdurende bouwmisdrijven op te lossen, heeft de Vlaamse decreetgever niet de verjaringstermijnen gewijzigd, maar wel de omschrijving van het begrip "bouwmisdrijf".

Het in stand houden van bouwwerken zonder vergunning is voortaan principieel niet meer strafbaar tenzij in drie gevallen:

1. de onvergunde werken mogen niet gelegen zijn in ruimtelijk kwetsbaar gebied
Onder de ruimtelijk kwetsbare gebieden worden verstaan de groengebieden, natuurgebieden, natuurgebieden met wetenschappelijke waarde, natuurreservaten, natuur-ontwikkelingsgebieden, parkgebieden, bosgebieden, valleigebieden, brongebieden, agrarische gebieden met ecologische waarde of belang, agrarische gebieden met bijzondere waarde, grote eenheden natuur, grote eenheden natuur in ontwikkeling en de ermee vergelijkbare gebieden, aangewezen op plannen van aanleg, alsook de beschermde duingebieden en voor het duingebied belangrijke landbouwgebieden, aangewezen krachtens het decreet van 14 juli 1993 houdende maatregelen tot bescherming van de kustduinen.
2. de onvergunde werken mogen geen onaanvaardbare stedenbouwkundige hinder veroorzaken voor de omwonenden.
Deze voorwaarde is voor interpretatie vatbaar en het zal afhangen van de concrete rechtspraak over individuele gevallen om te zien op welke wijze men de begrippen "onaanvaardbaar", "stedenbouwkundig", "hinder" en "omwonenden" zal interpreteren.
Wellicht zal dit op verschillende wijze geënterpreteerd worden, wat alleszins de rechtzekerheid niet ten goede komt.
Datgene wat voor u onaanvaardbaar is, is misschien voor iemand anders wel aanvaardbaar. Wat is een omwonende? Binnen welke straal moet die wonen om te kunnen spreken van een omwonende?
Wat is stedenbouwkundige hinder? Er bestaat al rechtspraak dat de klassieke burenhinder niet mag gezien worden als stedenbouwkundige hinder
Kortom, met de invoering van deze voorwaarden zijn er veel meer vragen dan antwoorden. Het zal dan ook de taak zijn van uw raadsman om zoveel mogelijk deze begrippen in uw voordeel te laten interpreteren, indien u beschuldigd wordt van een bouwmisdrijf.
3. de werken mogen geen ernstige inbreuk mogen vormen op de essentiële stedenbouwkundige voorschriften inzake de bestemming krachtens een ruimtelijk uitvoeringsplan of plan van aanleg.
Ook hier zijn een aantal zeer subjectieve begrippen in een strafbepaling ingevoerd, wat zeker niet zal zorgen voor rechtszekerheid.
Wat is een "ernstige" inbreuk ? Betekent dit een gewone inbreuk toegelaten is ?
Wat zijn "essentiële" stedenbouwkundige voorschriften inzake de bestemming. Betekent dit dat niet-essentiële stedenbouwkundige voorschriften inzake de bestemming kunnen overtreden worden en dat in dat geval de instandhouding toch niet strafbaar zou zijn ?
Deze nieuwe decreetswijzigingen worden door sommige geacht in strijd te zijn met grondwettelijk beschermde rechten. Vandaar dat er al een prejudiciële vraag is gesteld aan het Arbitragehof door de Correctionele Rechtbank van Gent en Dendermonde.
Het zal dus afwachten zijn hoelang deze decreetswijziging zal standhouden?



3. Herstelmaatregel: meerwaarde

* Vroeger was het zo dat in het merendeel van de gevallen als herstelmaatregel bij een bouwmisdrijf het herstel in de vorige staat werd gevorderd, wat in de praktijk meestal neerkwam op de afbraak van de onvergunde constructie.

Er waren ook nog andere herstelmaatregelen, m.n. het betalen van een meerwaarde en het uitvoeren van aanpassingswerken. Die herstelmaatregelen zijn op zich niet veranderd door de decreetwijziging van 4 juni 2003.

Wel is het zo dat nu voor misdrijven, waarvan de eigenaar kan aantonen dat ze werden gepleegd voor 01.05.2000 in principe steeds het middel van de meerwaarde wordt aangewend, tenzij in één van de volgende gevallen:

* bij het niet-naleven van een bevel tot staking
* indien het misdrijf onaanvaardbare stedenbouwkundige hinder veroorzaakt voor de omwonenden
* indien het misdrijf een zwaarwichtige en onherstelbare inbreuk vormt op de essentiële stedenbouwkundige voorschriften inzake de bestemming krachtens het ruimtelijk uitvoeringsplan of plan van aanleg.


Ook hier zullen weer discussies ontstaan, aangezien die begrippen evenzeer voor heel wat interpretatie vatbaar zijn.

* In dit kader is het ook nog van belang erop te wijzen dat door de decreetwijziging van 4 juni 2003 de rechter niet meer verplicht is om een herstelmaatregel op te leggen ingeval van een bouwmisdrijf.
Voor de decreetwijziging was het zo dat de rechtbank bijna altijd de vordering van de stedenbouwkundig inspecteur volgde.
Nu heeft de rechter uitdrukkelijk via de decreetwijziging de mogelijkheid gekregen om herstelmaatregelen op te leggen, en is er geen sprake meer van enige verplichting.



Besluit

Het is zeer belangrijk dat u in een gerechtelijke procedure op een goede en deskundige wijze wordt verdedigd wanneer aan u een bouwmisdrijf wordt ten laste gelegd.

Onze advocatenassociatie beschikt over de nodige kennis en ervaring op dit gebied.
Wij staan U graag te woord om U te adviseren en te begeleiden.


Wim MERTENS
Advocaat