Overdracht van aandelen

Ons kantoor wordt regelmatig geraadpleegd door klanten die hun aandelen willen schenken of verkopen. Zo'n transactie houdt de nodige risico's in, al staat men daar meestal niet direct bij stil.

De moeilijkheden stellen zich vooral bij niet-volgestorte aandelen. Dat zijn aandelen waar men zich geëngageerd heeft om een bepaalde som te storten aan een onderneming, maar dit bedrag nog niet helemaal heeft overgemaakt.

Stel je voor dat 2 vrienden, Jan en Piet, samen een vennootschap, de N.V. Target, oprichten. Een jaar later beslissen ze om hun kapitaal met € 25.000 te verhogen.

Deze verrichting leidt echter alleen tot een verhoging van het geplaatst kapitaal. Het volgestorte kapitaal blijft op het oorspronkelijk peil behouden. In de praktijk gaat hun kapitaal dus alleen op papier de hoogte in en zullen ze gebonden zijn om op een later tijdstip het bedrag van de verhoging daadwerkelijk bij te storten. Twee jaren later verkopen de twee vrienden hun aandelen aan een derde, Maurice. Nog een jaar later gaat de N.V. Target failliet. Op dat moment stelt zich natuurlijk de vraag wie er gehouden is het nog niet-volgestorte deel over te maken: moet de koper van de aandelen, Maurice, voor dit deel opdraaien of kunnen de verkopers, Jan en Piet, nog aangesproken worden?

In deze zaak moeten we drie hypotheses onderscheiden:

1. In de onderlinge relatie tussen de verkoper van de aandelen en de koper, gaat de volstortingsplicht mee over naar de koper. De volstortingsplicht wordt immers als inherent aan het eigendomsrecht gezien. Voor de veiligheid kan je een clausule opnemen in de overdrachtsovereenkomst waarin uitdrukkelijk gestipuleerd wordt dat de verkrijger de volstortingsplicht op zich neemt. Op deze manier kan de koper je niet meer aanspreken om het nog niet-volgestorte bedrag te betalen.

2. De vennootschap zelf kan de verkoper van aandelen niet meer aanspreken wanneer de overdracht geldig wordt ingeschreven in het aandelenregister, behalve wanneer de volstortingen op het ogenblik van de overdracht reeds opeisbaar zijn. Men doet er dus goed aan de verkoop of schenking in het aandelenregister te laten opnemen.

3. Ten aanzien van derdeschuldeisers (alsook de curator in geval van een faillissement) zijn zowel de koper als de verkoper gehouden tot volstorting.

De volstortingsplicht van de verkoper is beperkt tot maximaal het bedrag van de onbetaalde vennootschapsschulden die dateren van voor de inschrijving van de overdracht in het vennootschapsregister. De koper staat in voor het volledige niet-volgestorte deel.

Wat kan een verkoper van aandelen nu doen om te vermijden dat hij wordt aangesproken het niet-volgestorte deel te betalen?


- In de eerste plaats kan hij de vennootschap vragen om hem te ontlasten van de aanzuiveringsplicht.

- Bovendien moet hij zijn uittreding uit de vennootschap ook bekend maken in het Belgisch Staatsblad en de aandelenoverdracht inschrijven in het vennootschapsregister. Op deze manier verjaren alle vorderingen van derdeschuldeisers na 5 jaren vanaf deze bekendmaking (art. 198, 1 W. Venn.) en is men dus definitief bevrijd.

- Tenslotte kan hij eventueel verhaal nemen op de koper (niet op latere kopers).


BESLUIT:

Om latere onaangename verrassingen te vermijden, o.a. bij een eventueel faillissement, kan je bij het overdragen van je aandelen best je voorzorgen nemen!




Steven MATHEÏ