Werken in de warmte

In de zomer kunnen hoge temperaturen verhinderen dat in aanvaardbare omstandigheden kan gewerkt worden. Vanaf hoeveel graden mag een werknemer niet meer werken? Wat moet een werkgever doen bij te warm weer? Welke preventieve maatregelen moet een werkgever nemen? Hierna een overzicht.

OPGELEGDE ACTIEWAARDEN: MAXIMUMTEMPERATUREN

Voor de toepassing van de regelgeving worden de warme omgevingen gemeten aan de hand van de “Wet Bulb Globe Temperature”-index, dus niet via klassieke luchttemperatuur. De temperatuur moet gemeten worden met een zogenaamde “vochtige globethermometer”. Wanneer een klassieke luchtthermometer bijvoorbeeld 28° aangeeft, zal de globetermometer een andere waarde aangeven.

De index wordt bepaald door vier factoren: de omgevingstemperatuur, de dampdruk, de relatieve vochtigheid en de verzadigde dampspanning. Bovendien wordt die index berekend in functie van de fysieke werkbelasting.

De waarde van de index mag niet hoger zijn dan:

  • 29 voor zeer licht of licht werk (tot 234 Watt) - Voorbeelden: besturen van een wagen of het uitoefenen van bureauwerk
  • 26 voor halfzwaar werk (235-360 Watt) - Voorbeeld: timmerwerk
  • 22 voor zwaar werk (361- 468 Watt) - Voorbeelden: zagen met de hand, schaven, kruiwagens duwen en trekken
  • 18 voor zeer zwaar werk ( >468 Watt) - Voorbeelden: spitten en graven

Het gaat om maximumwaarden die bij overschrijding maatregelen vereisen.

MAATREGELEN BIJ OVERSCHRIJDING VAN DE MAXIMUMWAARDEN

Bij overschrijding van de bovenvermelde maximumwaarden moet de werkgever vooreerst volgende maatregelen nemen:

  • kunstmatige verluchting in de werklokalen;
  • verdeling van verfrissende dranken;
  • bescherming tegen rechtstreekse zonnestraling door “individuele” en “collectieve” bescherming.

Onder “collectieve bescherming” wordt onder andere verstaan het plaatsen van een scherm tussen de warmtebron en de werkpost, het controleren van de luchtvochtigheid, de airco, de ventilatie, het beschermen van het afdak tegen rechtstreekse zonnestralen, het besproeien van daken met water, enzovoort.

Individuele bescherming” betreft onder meer aangepaste kledij, een hoofddeksel ter bescherming tegen rechtstreekse zonnestralen, enzovoort.

Indien de warmte langer dan 48 uren duurt, dient de werkgever een regime van rusttijden invoeren op de werkplaats zelf of in rustlokalen die beantwoorden aan de daartoe ingestelde wettelijke voorschriften.

Bij afwezigheid van een afwijkende regeling ingevolge een akkoord met de vakbondsafvaardiging of ingevolge een bindend verklaarde cao, worden de rusttijden vastgesteld als volgt, rekening houdend met de (actie)waarden en de aard van het werk (licht, halfzwaar werk, zwaar werk of zeer zwaar werk).

Daarnaast kan de werkgever als alternatieve of bijkomende maatregel de werktijd herschikken. Zo kan de werkgever de uurroosters van zijn werknemers aanpassen. De dag vroeger beginnen of een pauze nemen aan het einde van de dag lijkt soms meer aangewezen dan een ‘traditioneel’ uurrooster. De werkgever kan de uurroosters zo tijdelijk eenzijdig wijzigen als preventieve maatregel tegen de warmte in het kader van zijn verplichtingen inzake welzijn op het werk. De werkgever dient die wijziging te registreren zodat hij bij controle de reden kan voorleggen waarom in die periode de werkroosters vervroegd werden.

Tot slot kan de werkgever in sommige sectoren autonoom beslissen om tijdelijke werkloosheid in te voeren. Tijdens die periode krijgt de werknemer werkloosheidsuitkeringen van de RVA die, onder meer in de bouwsector, aangevuld worden met een vergoeding uit een fonds voor bestaanszekerheid.

RISICOANALYSE

Vergeet niet dat de werkgever tevens een risicoanalyse dient uit te voeren van de thermische omgevingsfactoren van technologische of klimatologische aard die aanwezig zijn op de arbeidsplaats, waarbij men rekening houdt met de volgende factoren:

  • de luchttemperatuur en de thermische straling;
  • de relatieve luchtvochtigheid;
  • de luchtstroomsnelheid;
  • de fysieke werkbelasting;
  • de gebruikte werkmethodes en arbeidsmiddelen;
  • de eigenschappen van de werkkledij en van de persoonlijke beschermingsmiddelen.

In functie van de resultaten van de risicoanalyse dient de werkgever passende preventiemaatregelen te nemen. Hierbij moet de werkgever ook rekening houden met bovenvermelde actiewaarden. Als uit de risicoanalyse blijkt dat de voormelde waarden kunnen worden overschreden, dan moet de werkgever vooraf een programma van technische en organisatorische maatregelen opstellen. Het doel hiervan is de blootstelling aan warmte om de daaruit voortvloeiende risico’s te voorkomen of tot een minimum te beperken.

BESLUIT

Bij extreme warmte moet u als werkgever maatregelen nemen in het kader van de gezondheid van uw werknemers. U dient onder meer te zorgen voor de verdeling van verfrissende dranken, zonnebescherming, voldoende rusttijden en kunstmatige verluchting. Eventueel kunnen de uurroosters worden aangepast zodat er gewerkt wordt op ‘koelere’ tijdstippen. Daarnaast kan er in sommige sectoren voor tijdelijke werkloosheid worden geopteerd.

Mr. Tine Vandeurzen