INVOERING VAN HET “VOORBEREIDEND AKKOORD” IN HET BELGISCH INSOLVENTIERECHT

Op 31 januari 2021 kwam het moratorium op faillissementen tot een einde. Ingevolge dit moratorium werden bepaalde ondernemingen, die door de coronacrisis in financieel slechte papieren waren terecht gekomen, beschermd tegen hun schuldeisers. De Koning besliste om de geldingsduur van deze beschermingsmaatregelen niet te verlengen. Evenwel werden er tegen eind maart 2021 nieuwe maatregelen aangekondigd ter bescherming van ondernemingen in moeilijkheden.

In dat opzicht heeft de Kamer op 12 maart 2021 het wetsvoorstel tot wijziging van Boek XX van het Wetboek van Economisch Recht goedgekeurd. Met dit wetsvoorstel worden er enkele hervormingen binnen het insolventierecht doorgevoerd, die opnieuw tot doel hebben om ondernemingen te ondersteunen tijdens de coronacrisis.

Het wetsvoorstel voert onder andere het zogenaamd “voorbereidend akkoord” in, een nieuwigheid in ons Belgisch insolventierecht (nieuw art. XX.39/1 WER). Hierbij kan een onderneming in moeilijkheden de ondernemingsrechtbank verzoeken om een gerechtsmandataris aan te stellen, die zal nagaan of er een mogelijkheid is om een minnelijk akkoord met bepaalde schuldeisers, of een collectief akkoord met alle schuldeisers, af te sluiten.

De aanstelling van een gerechtsmandataris leidt niet tot een opschorting van de middelen van tenuitvoerlegging van de schuldeisers. Desalniettemin kan de ondernemingsrechtbank gedurende de onderhandelingen omtrent het voorbereidend akkoord, aan de schuldenaar voorwaarden en/of termijnen toestaan voor de betaling van de schuldeisers, met een maximumduur van vier maanden. Dit zou er dus op neer komen dat schuldeisers hun verhaalsmogelijkheden tijdelijk worden opgeschort, zonder dat er een gerechtelijke reorganisatie werd opgestart.

Bedoeling van de wetgever met dit voorbereidend akkoord is dat er op de achtergrond reeds nuttig werk wordt geleverd, zodat een latere gerechtelijke reorganisatieprocedure sneller kan worden afgehandeld.

De maatregelen genomen bij het wetsvoorstel van 4 maart 2021 treden in werking op de dag van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad. In principe zullen deze slechts gelden tot 30 juni 2021, doch de Koning heeft de mogelijkheid ze te verlengen.

Voor meer informatie en/of vragen kan u steeds bij ons kantoor terecht.

Mr. Alexander Vanlessen