ASSISEN ZONDER JURY

Strafrecht
Lore Gyselaers |

Onder maximale beveiliging vindt in Frankrijk, zes jaar na datum, het proces plaats rond de aanslagen van 13 november 2015. Twintig beschuldigden moeten zich verantwoorden in een proces dat vermoedelijk 8 maanden zal duren.

Opmerkelijk is dat dit proces gevoerd wordt voor een puur professioneel college, “la cour d’assises spéciale”, een hof van assisen dat zetelt zonder volksjury. Dit bijzondere assisenhof bestaat in eerste aanleg uit een voorzitter en vier professionele magistraten.[i] Indien er tegen de uitspraak van dit hof hoger beroep[ii] wordt aangetekend, wordt de zaak gebracht voor “la cour d’assises spéciale d’appel”, dat bestaat uit een voorzitter en zes magistraten (art. 698-6 Code de procédure pénale).

La cour d’assises spéciale bestaat in Frankrijk reeds sinds 1982, initieel voor misdaden gepleegd door militairen. In 1986 werd de bevoegdheid uitgebreid voor terrorismezaken. Concrete aanleiding was de weigering van een aantal juryleden, uitgeloot om te oordelen over een terreurproces, om na openlijke bedreigingen nog verder te zetelen. Om de impasse te vermijden, de veiligheid van de juryleden te garanderen en vanuit de gedachte : “un jury angoissé est un mauvais jury”, werden terrorismezaken onttrokken aan de volksjury en toevertrouwd aan professionele magistraten. Opmerkelijk is wel dat de procedure van dit assisenhof, ontdaan van zijn meest kenmerkende element – de volksjury -, niettemin op quasi identieke wijze verloopt.[iii] Zo wordt het oraliteitsbeginsel ter zitting gewaarborgd. Sedert de wet van 10 augustus 2011[iv] dient ook “la cour d’assises spéciale” haar beslissingen te motiveren.

Waar in Frankrijk de bevoegdheid van dit bijzondere hof later nog verder werd uitgebreid om ook kennis te nemen van zaken betreffende verdovende middelen en criminele organisatie, lijkt dit vooralsnog voor de Belgische wetgever een brug te ver. In België heeft dit voorstel nochtans op tafel gelegen. Zo was er het voorstel van de commissie tot hervorming van het hof van assisen[v] om, geïnspireerd op het Franse systeem, een artikel 119bis Gerechtelijk Wetboek in te voeren teneinde terroristische misdrijven niet langer toe te vertrouwen aan de jury, maar aan een professioneel hof bestaande uit een voorzitter en vier assessoren. De achterliggende idee van dit voorstel lag enerzijds in de bijzondere complexiteit van dergelijke zaken en anderzijds in het gevaar bij dergelijke misdrijven dat men geen jury kan samenstellen of dat deze onder druk wordt gezet. Vermits dit voorstel afbreuk deed aan de essentiële component van het hof van assisen – de volksjury – is het evenwel gesneuveld in de parlementaire navette. Het zou tevens de deur openzetten voor de afschaffing van de jury in andere zaken die van dezelfde moeilijkheden getuigen, waaronder de georganiseerde misdaad.

Uiteraard zal met veel belangstelling gekeken worden naar de wijze waarop het Franse proces verloopt, zeker nu het Brusselse terreurproces betreffende de aanslagen van 22 maart dichterbij komt. Recent heeft de Kamer van Inbeschuldigingstelling de verdachten in dit dossier verwezen naar het hof van assisen, waar een volksjury zich vermoedelijk in 2022 zal mogen opmaken voor een ongeziene marathon. In een open brief van 7 december 2020 werd dit scenario alvast aan de kaak gesteld door Federaal Procureur van Leeuw, die pleit voor een afschaffing van de assisenprocedure zonder evenwel in te boeten op het mondelinge karakter van de debatten.

Mr. Lore Gyselaers

 

[i] Indien het over de berechting van minderjarigen gaat, is “la cour d’assises spéciale des mineurs” bevoegd. Dit hof is op dezelfde manier samengesteld, doch 2 van de assessoren moeten jeugdrechters zijn (art. 706-25 Code de procédure pénale).

[ii] In Frankrijk bestaat de mogelijkheid om hoger beroep aan te tekenen tegen de uitspraken van het hof van assisen sedert de wet n° 2000-516 van 15 juni 2000, JORF 16 juni 2000, p. 9038.

[iii] Met uitzondering van de bepalingen mbt de juryleden (art. 698-6 Code de procédure pénale).

[iv] Wet n° 2011-939 van 10 augustus 2011, JORF 11 augustus 2011.

[v] Commissie hervorming van het assisenhof, Rapport november 2005.