Antwerps quadverbod van de baan ?

Stad Antwerpen had in een aanvullend verkeersreglement een verbod opgelegd op het gebruik van quads voor het ganse grondgebied van de stad, met uitzondering van de gewestwegen. Tegelijkertijd voerde zij een procedure in voor het verkrijgen van een vergunning om van dat verbod af te wijken voor volgende gevallen: gezondheidsredenen, redenen van beroepsuitoefening of mogelijke andere ernstige redenen. Een aantal quadrijders hebben dit reglement aangevochten bij de Raad van State, omdat zij het verbod discriminatoir achtten. Zij meenden dat het gelijkheidsbeginsel geschonden was.

In het uiteindelijk arrest werd geoordeeld dat het verbod weliswaar een effectieve en adequate maatregel is om verkeersveiligheid, geluid en verkeersleefbaarheid in de stad te verbeteren. De Raad acht de regeling echter niet proportioneel om deze doelstellingen te bereiken. Verhoudingsgewijs was er inderdaad meer overlast door quads dan door auto’s (in verhouding tot het aantal ingeschreven voertuigen in Antwerpen). Numeriek was het aantal vaststellingen met quads daarentegen beperkt van 13 tot 68 gevallen per jaar ten opzichte van 402 tot 655 per jaar voor auto’s. Volgens de stad is het in de praktijk niet haalbaar om quadrijders die overlast veroorzaken te verbaliseren. De Raad van State volgde dit argument niet, omdat de handhavingsmoeilijkheden inzake geluidshinder, joyriden, racen, enzovoort tussen auto’s en quads niet wezenlijk verschillen. Het verbod is ook moeilijk verenigbaar met het principe dat iedereen het recht heeft de openbare weg te gebruiken.

Ook de vergunningsregeling om van het quadverbod af te wijken, beschouwde de Raad niet als een passende verzachting om de onevenredige gevolgen ervan af te wenden. De vergunningen werden in praktijk alleen om medische redenen verleend, bijvoorbeeld lichamelijke ongeschiktheid om met een auto te mogen rijden, maar wel met een quad. Wie enkel dankzij een quad zijn werkplaats kon bereiken, verkreeg een vergunning, maar beperkt tot het kortste traject woon-werkverkeer of tot bepaalde tijdspannes.

De Raad van State heeft de regeling dan ook vernietigd, omdat het verschil in behandeling tussen quads en andere voertuigen in de omstandigheden niet redelijk verantwoord was. De gevolgen van het vernietigde reglement mogen nog tot en met 17 januari 2020 blijven bestaan, zodat de stad voldoende tijd heeft om de verbodsborden te verwijderen dan wel af te dekken. Bestuurders moeten de signalisatie op die borden nog steeds naleven, ook al is de onderliggende regelgeving ondertussen vernietigd.

Philippe Dreesen

Advocaat