
De wet van 2 augustus 2002 zette een Europese Richtlijn om die tot doel heeft de betalingsachterstand bij handelstransacties in te dijken. De wet bevat een aantal innoverende maatregelen zoals de invoering van een uniforme betalingstermijn, een hogere moratoire interest die van rechtswege vervalt en de mogelijkheid van schadeloosstelling voor de invorderingskosten. In deze nieuwsbrief staan we even stil bij de invoering van de nieuwe wettelijke interestvoet bij handelstransacties.
Artikel 5 van de wet voert een nieuwe, hogere interestvoet in, dan de gewone wettelijke interestvoet van 7%, die verschuldigd is bij laattijdige betaling in transacties tussen handelaars. De schuldeiser heeft volgens de wet recht op betaling van een interest tegen de referentie-interestvoet, vermeerderd met zeven procentpunten en afgerond tot het hogere halve procentpunt. De referentie-interestvoet wordt gedefinieerd als de interestvoet die door de Europese Centrale Bank wordt toegepast voor basisherfinancieringstransacties voor de eerste kalenderdag van het betreffende half jaar. Er moet dus rekening worden gehouden met een halfjaarlijkse aanpassing van de interestvoet, met name op 1 januari en op 1 juli. Iedere wijziging van de interestvoet wordt door de minister van Financi?n meegedeeld via een bericht in het Belgisch Staatsblad. Van januari 2004 tot en met juni 2004 bedraagt de interestvoet 9,5%.
Een aantal handelaren heeft in hun factuurvoorwaarden vermoedelijk een beding voorzien omtrent interesten verschuldigd ingeval van laattijdige betalingen dat zijn reden van bestaan verliest onder het huidige regime. Men is bijvoorbeeld in afwijking van de vroeger geldende moratoire wettelijke interest van 7%, een conventionele moratoire interest van 10% overeengekomen. Onder het oude regime betekende dit een voordeel voor de schuldeiser. Onder het nieuwe regime zou de schuldeiser evenwel in het tweede semester van 2002 bijvoorbeeld recht hebben op een interestvoet van 10,5%. Het beding speelt nu plots in zijn nadeel. De vraag die zich stelt is of de schuldeiser in dat geval toepassing kan vragen van de Wet Betalingsachterstand, in afwijking van de algemene verkoopsvoorwaarden? Normaalgezien niet! Indien U als handelaar algemene verkoopsvoorwaarden heeft, dienen deze ook toegepast te worden en kan hier niet zomaar van afgeweken worden.
In het verlengde hiervan rijst de vraag of de schuldeiser er nog belang bij heeft om in zijn algemene voorwaarden een conventionele moratoire interest op te nemen. Wij menen van wel doch raden U aan uw factuurvoorwaarden aan te passen aan de nieuwe wet. Wellicht is het aangewezen voor een schuldeiser die een hogere interest wil bedingen dan de wettelijk geldende, geen numeriek percentage te bepalen maar eerder te grijpen naar een formulering zoals: ‘tussen de partijen geldt een conventionele moratoire interest die gelijk is aan de interestvoet zoals bepaald in artikel 5 Wet Betalingsachterstand, vermeerderd met x procent’. Een andere mogelijkheid is te opteren voor de volgende clausule: ‘een conventionele moratoire interest die gelijk is aan ? en die minimum 12 % zal bedragen.
Indien U als handelaar uw factuurvoorwaarden nog niet aanpaste en U dit ook niet van plan bent, wensen wij er uw aandacht op te vestigen dat in geval in uw voorwaarden verwezen wordt naar het discontotarief van de Nationale Bank van België, dit sinds de invoering van de euro vervangen dient te worden door het rentetarief van de depositofaciliteit van de Europese Centrale Bank, verhoogd met het verschil tussen het laatste discontotarief van de Nationale Bank van België en het op dat ogenblik geldende depositotarief van de Nationale Bank van België.
Katleen Lemmens
advocaat.